Rechtstreeks naar de inhoud

De gemeubelde verhuring

Een appartement gemeubeld verhuren voor privé of beroepsdoeleinden is deels verhuring onroerend goed (gebouw) en deels verhuring roerend goed (meubels). Als er in het huurcontract geen opdeling is gemaakt gaat men er vanuit dat 40% van de huuropbrengst slaat op het roerend inkomen en 60% op het onroerend inkomen. Het onroerend inkomen wordt belast volgens het GKI x 1,4. Voor het roerend inkomen mag men 50% kosten in aftrek brengen.

Stel je ontvangt 1000 euro huur per maand.
600 euro huur onroerend goed (GKI × 1,4)
400 euro huur roerend goed (-50% kosten, dus belast op 200 euro)

Huurcontracten voor gemeubelde verhuring afgesloten voor 1 maart 1990 worden belast aan 25%. Contracten afgesloten na 1 maart 1990 worden belast aan 15%. Bij een gemeubelde verhuring aan een privé-persoon is een opdeling aangeraden. Men kan dan best zoveel mogelijk van de huur aan het onroerend inkomen toekennen want ongeacht de huur: GKI x 1,4. Bij een beroepsmatige verhuring kan men dan weer best zoveel mogelijk inkomen toekennen aan het roerend inkomen. De belasting op onroerend inkomen is namelijk wel afhankelijk van de huur bij een beroepsmatige verhuring.

Stel je zou ook nog onderhoud en ontbijt aanbieden in je huurprijs, dan kan dit aanzien worden als beroepsinkomen. 1000 euro huur waarvan 500 voor het onroerend goed en 500 voor het roerend goed. Je rekent ook nog 500 euro extra kosten voor onderhoud en dergelijke. Dit kan aanzien worden als een zelfstandige activiteit. Je hebt een BTW nummer nodig omdat je een dienst levert en je wordt belast op 1500 euro beroepsinkomen. Je zult dus ook bijdrage moeten betalen aan de Sociale Kas van Zelfstandigen.

Artikel door Koen De Deckere

Terug naar het hoofdmenu